Breed protest tegen aanpassing youngtimerregeling
Geplaatst door Perry Snijders
“Dit is een enorme lastenverzwaring,” zegt Wouter van Embden over de aanpassing van de youngtimerregeling, waartoe recent plotseling door de Tweede Kamer werd besloten. “Het is nog erger voor al die bedrijven die actief zijn met youngtimers dan voor de berijders. Die bedrijven zitten met een acuut probleem.”
Op 24 november diende Tweede Kamerlid Pieter Grinwis (ChristenUnie) een amendement in waarin een aanpassing van de youngtimerregeling werd voorgesteld. Wie op dit moment in een zakelijke auto rijdt, betaalt bijtelling over de dagwaarde (‘waarde in het economisch verkeer’) vanaf het moment dat die auto vijftien jaar oud is. In het voorstel van Grinwis gaat die leeftijd per 1 januari 2026 naar zestien jaar en per 1 januari 2027 zelfs naar 25 jaar. Dat zou extra inkomsten genereren, waardoor dekking ontstaat voor een ander plan: de bijtelling voor elektrische auto’s lager houden in de jaren tot en met 2027.
Tot ieders verbazing werd het amendement op 27 november aangenomen: naast indiener ChristenUnie was uiteraard ook medeondertekenaar D66 vóór, evenals GroenLinks-PvdA, PvdD, DENK, Volt, SGP en CDA. Het voorstel is echter nog niet aangenomen door de Eerste Kamer. Daar komt het Belastingplan 2026 pas op 15 en 16 december aan de orde. Daar hebben youngtimerrijders en -specialisten nu hun hoop op gevestigd.
Verbond
Talloze youngtimerspecialisten hebben zich nu verenigd in een poging te zorgen dat de maatregel wordt teruggedraaid. Onder aanvoering van Timon Visser, Dirk Koppen en Hans Coops wordt geprobeerd het tij te keren. Niet alleen verkopers, maar ook bijvoorbeeld AdviesVerzekerd! en Vereniging Autobedrijven Samen Sterk hebben zich aangesloten bij dit verbond. Maar wat is het probleem eigenlijk? “De youngtimers van bouwjaar 2011 zijn nu volstrekt onverkoopbaar geworden,” zegt David Joost Kamermans van Welmans Automobielen in Baarn. Daarmee is de duurste voorraad onverkoopbaar voor de autobedrijven die deze auto’s al voor volgend jaar hadden ingekocht, want ze vallen nu pas in 2036 onder de youngtimerregeling. Ondernemers worden zwaar gedupeerd door de gevolgen van deze regelgeving die al binnen één maand in werking treedt.”
‘Financiële aardverschuiving’
Advocaat Oscar van Oorschot schreef een brief aan alle leden van de Eerste Kamer, waarin hij hen wijst op de gevolgen van het besluit als het door ook door hen wordt aangenomen. “De aanstaande wetgeving is naar mijn mening zo verregaand negatief voor bezitters van een mooie youngtimer, dat ik in de pen ben gekropen — als privépersoon voor alle duidelijkheid — om u aan te schrijven.” Volgens Van Oorschot zorgt de nieuwe wet voor een ‘financiële aardverschuiving’. Hij stuurt een rekenvoorbeeld mee van iemand die een zestien jaar oude Mercedes heeft met een waarde van 20 duizend euro en een cataloguswaarde van 120 duizend euro. “Deze persoon betaalt nu netto een bedrag van ongeveer 180 euro per maand aan bijtelling. In het nieuwe belastingstelsel wordt er 22 procent bijtelling betaald over de nieuwprijs, hetgeen netto per maand een bedrag van ongeveer 1.100 euro is.”
Toelichting ontbreekt
In zijn brief wijst Van Oorschot op de verregaande gevolgen. “Ik heb zelf het idee dat de Tweede Kamer niet overziet welke maatregel ze treft. Het is een plotseling genomen besluit, dat honderdduizenden mensen benadeelt, zonder dat er een duidelijke toelichting is in de memorie van antwoord of anderszins.”
Dat laatste zegt ook Wouter van Embden, die zeventien jaar geleden de youngtimerregeling al eens redde. “De Tweede Kamer wilde de regeling toen ook afschaffen, maar vergat waarom de regeling is ingevoerd. Dat gebeurde toen Wouter Bos staatssecretaris van Financiën was. Hij vond het niet reëel om een vijftien jaar oude auto bij te tellen over de nieuwwaarde. Daaraan was niets veranderd in de tussentijd. Curieus is dat het nu diezelfde ChristenUnie is die met hetzelfde plan komt als zeventien jaar geleden.”
Wouter van Embden:
‘Dit is een lastenverzwaring van 1,1 miljard, zonder enige vorm van een overgangsregeling. Niet voor niets heeft de staatssecretaris dit amendement afgeraden.’
Overgangsregeling
“Begrijp me goed, ik ben helemaal niet tégen het aanpassen van de youngtimerregeling,” zegt Van Embden. “Integendeel, ik ben er zelfs vóór. Maar niet op deze manier, overhaast en zonder overgangsregeling. Als je het mij vraagt, moet er een sterfhuisconstructie komen, waarbij de leeftijd stapsgewijs omhoog gaat. Tegelijkertijd moet er wat mij betreft een regeling komen voor gebruikte EV’s, waarbij EV’s vanaf vijf jaar oud over de waarde in het economisch verkeer worden bijgeteld.”
Het voornaamste bezwaar van Van Embden is dat de regeling al vanaf 1 januari 2026 zou worden aangepast. “Er zijn talloze bedrijven gespecialiseerd in youngtimers, die nu al voorraad voor het komende jaar hebben staan, die op slag waardeloos dreigt te worden.” Daarnaast wijst Van Embden op een ander probleem. “Met de huidige regeling kun je zelfs elektrische auto’s als youngtimer rijden, zoals de Nissan Leaf. Als de minimumleeftijd straks naar 25 jaar gaat, kun je dat vergeten.”
‘Geen zorgvuldige wetgeving’
Toch is dat niet het voornaamste bezwaar van Van Embden tegen de overhaaste aanpassing van de regeling. “De Tweede Kamer heeft met zichzelf afgesproken geen ingrijpende maatregelen te nemen totdat er een nieuw kabinet is. Wij denken dat er zo’n 200 duizend mensen gebruikmaken van de youngtimerregeling, die gemiddeld 500 euro méér bijtelling per maand gaan betalen. Dat is een lastenverzwaring van 1,1 miljard, zonder enige vorm van een overgangsregeling. Niet voor niets heeft de staatssecretaris dit amendement afgeraden. Gelukkig is de Eerste Kamer er nog, die in het oog moet houden of dit zorgvuldige wetgeving is. Wat mij betreft is het dat niet.”
Levenswerk
Zelf wordt Van Embden overigens niet beter van zijn strijd tegen de aanpassing van de youngtimerregeling. “Vroeger heb ik er met veel plezier gebruik van gemaakt, maar nu rijd ik al heel lang elektrisch. Waarom ik dit dan toch doe? Zeventien jaar geleden heb ik gevochten om de youngtimerregeling te behouden, in aangepaste vorm. Daar ben ik een jaar mee bezig geweest. In die tijd ben ik bevriend geraakt met veel youngtimerspecialisten. Ik weet dat autohandelaren niet altijd een goede naam hebben, maar de youngtimerspecialisten die ik ken zijn stuk voor stuk keurige ondernemers, die het niet verdienen om zo behandeld te worden. Daarom heb ik het altijd in het oog gehouden. Je weet dat het op een dag afgelopen is met de youngtimerregeling, maar als het zover is, laat het dan in ieder geval op een nette manier gebeuren.”
Toenmalig Kamerlid Johan Remkes (VVD) verwoordde in 2009 glashelder de bezwaren tegen het afschaffen van de youngtimerregeling.
In 2015 gaf toenmalig staatssecretaris Wiebes (VVD) toe dat de berekeningen van Wouter van Embdens Stichting Autobelangen beter waren dan die van zijn eigen ministerie.